Verslag herdenking 2014

Herdenking 2014

Verzet je tegen tweedelingen

Het is pas februari 2014, maar de temperatuur is bijna lenteachtig. Op het Jonas Daniël Meijerplein verzamelen zich de deelnemers aan het defilé langs de Dokwerker. Ze zijn gekomen om te herdenken dat de Duitse bezetters hier, in februari 1941, de jacht openden op Joodse stadgenoten. Het was die razzia die op 25 februari werd beantwoord met een massale stakingsactie. De ondergrondse CPN riep in het beroemde manifest “Staakt! Staakt! Staakt!” op tot verzet tegen de terreur en riep op tot solidariteit met het zwaar getroffen Joodse deel van het werkende volk. Tienduizenden mensen legden het werk neer.

Nu, bij het begin van de herdenking, liggen al een paar bosjes bloemen op de sokkel van de Dokwerker. Dat zal uitgroeien tot een imposante bloemenhulde. Leerlingen van Rosj Pina, de Joodse basisschool die het monument van de Dokwerker hebben geadopteerd, helpen de delegaties van het herdenkingscomité, het college van B&W van Amsterdam, het COVVS, de regering, de ambassade van Israël , de provincie Noord-Holland en stadsdeel Centrum met het leggen van hun kransen.

Dokwerker met bloemen 2014

foto: Hans Mooren

De voorzitter van het Comité Herdenking Februaristaking 1941, Joke Koningh, zei in haar openingswoord dat het belangrijk is om je te weer te stellen tegen uitingen van elke vorm van discriminatie. Lees hier haar openingswoord

Marjan Schwegman, directeur van het NIOD Instituut voor Oorlogs-, Holocaust- en Genocidestudies, hield een korte toespraak. Ze vroeg zich af waarom het de moeite waard is om stil te staan bij de stakingsgolf van 73 jaar geleden, toen havenarbeiders, kantoorbedienden en Bijenkorfmeisjes staakten en huisvrouwen bakkers dwongen hun winkels te sluiten, uit protest tegen de onmenselijke behandeling van Joodse stadgenoten.

“Naar aanleiding van het boek van Bart van der Boom over Nederlanders en de Holocaust heeft er een discussie gewoed over de vraag of Nederlanders wisten dat de Joden werden uitgeroeid”, riep ze in herinnering. “De Februaristaking laat zien dat het voor verzet niet nodig was om te weten dat de Joden zouden worden vernietigd. Wat de vlam in de pan deed slaan was niet zozeer een voorgevoel van het toen nog onbekende lot van de Joden. Nee, het was het zien van de openlijke discriminatie, de vernederingen en mishandelingen op straat. Zij die hier getuige van waren, vertelden het door aan iedereen die het wilde weten. Weten leidde tot actie, tot staken”, vervolgde Schwegman.

Waarom toen wel? Waarom was dit later anders, vroeg Schwegman zich af. Toen de verwijdering van de Joden uit de Nederlandse samenleving zich daadwerkelijk voltrok was er immers geen sprake meer van protesten zoals de Februaristaking. “Abram de Swaan zei dat een genocide wordt voorbereid door bewust een tweedeling in de samenleving te creëren tussen ‘wij’ en ‘zij’. Die tweedeling bepaalt met wie je wel of niet omgaat”, merkte Schwegman op. “Als het creëren van een tweedeling uiteindelijk vernietiging van mensen mogelijk maakt, dan is het zaak ons juist van dat mechanisme bewust te zijn.”

Nog steeds, besloot Schwegman, “grijpt het mij het meeste aan als ik lees dat kinderen opeens een leeg bankje in de klas zagen, omdat een klasgenootje van wie ze niet eens beseften dat het Joods was, op een dag niet meer op school kwam. Dergelijke geschiedenissen verliezen nooit hun onheilspellende lading, ze blijven resoneren in het heden. Daarom kunnen wij niet anders dan stil blijven staan bij de Februaristaking, om te laten zien dat wij willen weten, dat wij ons verzetten tegen tweedelingen.” Lees hier de complete toespraak

Tot slot droeg actrice/columniste Funda Müjde enkele gedichten voor, onder meer van de Turkse schrijver Nazim Hikmet (1902-1963) over een in Hiroshima omgekomen meisje. Ze besloot met een eerbetoon aan de net overleden Leo Vroman, het gedicht Vrede. Lees hier de complete gedichten