Gedichten Joost Prinsen

Gedichten voorgedragen door Joost Prinsen

Joost Prinsen droeg tijdens de herdenking geen viertal indringende gedichten voor.

(zonder titel)

Toen ze de communisten kwamen halen
Heb ik niets gezegd
Ik was geen communist
Toen ze de vakbondsleden kwamen halen
Heb ik niets gezegd
Ik was geen vakbondslid
Toen ze de Joden kwamen halen
heb ik niets gezegd
ik was geen jood
toen ze de katholieken kwamen halen
heb ik niets gezegd
ik was geen katholiek
Toen kwamen ze mij halen
En er was niemand meer om iets te zeggen

Martin Niemöller vertaling Petra Katz

Verzetspoëzie

Opdracht van een gefusilleerde

Geschreven door een moeder wier zoon gefusilleerd werd

Den strijd gewijd – in oorlogstijd! Val vreemde heersers nooit ten knie. Wees onbekwaam tot compromis. Geef geen respijt – zolang gij zijt.

Schuw felle pijn – noch wrang verdriet. Bezie de dingen in het groot: zovelen boetten met de dood, Waarom zij wel waarom gij niet?

Vraag niet hoelang men leeft doch hoe! Wat men presteert, wat men volbrengt, wat men bewust de mensheid schenkt, het tijdsbestek doet er niet toe.

Wanneer het eindsignaal weerklinkt, ‘t ‘t zij vroeg – ‘t zij laat ontplooi de vaan. Maak dat gij fier van hier kunt gaan: “Present! Ik heb mijn plicht gedaan”

Elisabeth Hannema-Van Maasdijk

Moeder

Hoe de doden in haar woelden
’s nachts ijlde zij hun namen af
henriette, fanny, vader, mams,
serah, simon, martha, sem,
ik amper dertien beluisterde
angstig ademloos die dodendraf
in haar onmetelijke stem
dan stond ze op
lopend dromen
trok de koffer van onder haar bed
verwilderd krijsend: razzia, razzia!
Dan hield ik haar staande
roepend het is 1946 1946
en voorbij voorbij
in haar bleef het klagend gaande
zoals zij klagend en gaande
blijft in mij

Frans Pointl

(zonder titel)

Een man dacht dat hij vrij was en een engel sloeg hem neer,
de man zei dat hij vrij was en weer sloeg de engel hem neer,
maar de man zei opnieuw dat hij vrij was en opnieuw sloeg de engel hem neer,
toen schreeuwde de man dat hij vrij was, dat hij altijd vrij was, dat hij nooit iets anders dan vrij zou zijn en de engel sloeg hem dat bloedens toe neer
en schaamte en vergeefse moeite woeien op en verspreidden als stof over de grijze aarde
en de man stamelde dat hij vrij was, dat hij dacht dat hij vrij was
En de engel vloog weg

Toon Tellegen